Agenda   |  
Zoeken
 
 

 Ontmoetingsdag benadrukt belang van gebed 

14-5-2019   
 
Leden van de Diocesane Gebedskring om roepingen reisden op 11 mei vanuit heel het aartsbisdom naar Utrecht voor een ontmoetingsdag. Ook de Utrechtse priesterstudenten en een aantal diakenkandidaten waren present. Deze dag startte met een Pontificale Eucharistieviering in de St. Catharinakathedraal. Daarna werd het programma voortgezet in de priesteropleiding het Ariënsinstituut. Na de lunch waren er twee lezingen, gevolgd door een geanimeerde borrel.


Kardinaal Eijk was hoofdcelebrant tijdens de viering. In zijn preek verwees hij naar zijn herseninfarct in 2001, waardoor een langdurige revalidatie nodig was: “In deze tijd heb ik mijn houvast gevonden in mijn geloof dat God me ook toen nabij was, in de dagelijkse Eucharistieviering in de ziekenhuiskapel waarin ik vanuit mijn bed kon concelebreren en het Getijdengebed. Bij mij ging de verlamming na verloop van tijd over. Veel mensen lieten weten dat ze voor me baden. Maar bij Eneas in de eerste lezing treedt geen verbetering in. Na acht jaar rekent hij niet meer op genezing. Zijn vreugde om zijn genezing van zijn verlamming op het gebed van Petrus zal dan ook zeer groot zijn geweest. Nog groter en algemener is de vreugde wanneer op het gebed van Petrus in Joppe een vrouw met de naam Tabita geneest van wat in de ogen van veel mensen geldt als de definitieve en algehele verlamming, de dood, waartegen geen menselijk geneesmiddel bestaat.”



Deze genezingen zijn tekenen, benadrukte kardinaal Eijk, “het is zaak niet bij het teken op zich stil te blijven staan, maar te zien waarnaar het verwijst.” Zo is de wonderbare broodvermenigvuldiging een teken van Jezus’ goddelijke macht. En bovendien een teken van de gave van het eeuwig leven. “Ook de genezing van de verlamming van Eneas en de opwekking van Tabita uit de dood zijn zulke tekenen met een diepere betekenis. De lichamelijke verlamming verwijst naar de geestelijke verlamming van de ziel door ongeloof en het gebrek van een levende relatie met de Verrezen Heer, die woorden heeft van eeuwig leven.”
“Het is ook in onze tijd zaak dat er mensen zijn die de woorden van eeuwig leven van Jezus verkondigen. En die door de toediening van de sacramenten, door gebed, hun bijzondere vorm van leven en/of hun voorbeeld anderen met Jezus in contact brengen. Daardoor kunnen ook zij genezen worden van hun ongeloof, hun innerlijke geestelijke verlamming van de ziel. En komen tot een levende relatie met de Heer, waardoor wij de vele obstakels kunnen overwinnen die we allemaal in ons leven tegenkomen. Zelfs het obstakel dat de definitieve verlamming lijkt te zijn, de dood.”

Dr. Anton ten Klooster, priester van het Aartsbisdom Utrecht, verzorgde ‘s middags een lezing over de ‘Algemene roeping tot heiligheid van alle gedoopten’. “Als priesterstudent heb ik me altijd gedragen geweten door het gebed van mensen,” vertelde hij. Basis voor Ten Kloosters lezing was het proefschrift waarop hij in juni 2018 promoveerde: de zaligsprekingen van Jezus (uit de Bergrede in het Matteüsevangelie), bezien vanuit de theologie van de heilige Thomas van Aquino.



Thomas van Aquino heeft een optimistische manier van denken, want hij denkt dat we de heiligheid kunnen bereiken, aldus Ten Klooster. “De grote vraag die tijdens mijn onderzoek naar voren kwam, was de vraag naar geluk.” Die speelt ook in de huidige samenleving, gezien de vele zelfhulpboeken over dit onderwerp. Het verkopen van de maakbaarheid van geluk is een heuse miljardenindustrie. “Mij werd duidelijk hoe centraal die zaligsprekingen zijn in het denken van Thomas. De Middeleeuwers waren geobsedeerd door de vraag hoe ze het geluk konden bereiken. In die zin lijken ze wel op ons, alleen zonder al die boeken.”
Hoe kunnen geluk, geloof en goed leven samengebracht worden, zonder dat ze tegenover elkaar staan? In de zaligsprekingen komt alles samen, aldus Ten Klooster. “Daarbij past de bloei van mensen. Want de mens die opbloeit gaat open, heeft waarde, balans, is gezond, kan bloeien vanuit de worteling in God. De tien geboden leggen de lat wat laag, want zijn alleen wet. Jezus’ woorden zijn de vervulling daarvan. In de tekst van de zaligsprekingen ligt de perfecte leefregel, aldus Thomas.”
In die zaligsprekingen ligt de roeping tot heiligheid, zo heeft ook paus Franciscus verklaard. Hij noemde ze “de identiteitskaart van de christen.” Maar ze zijn wel lastig, gaf Ten Klooster toe. Want wie zijn de armen van geest? En wie de zachtmoedigen? En waarom zijn de treurenden zalig? Het gaat hier volgens Thomas niet om dingen die ons overkomen, maar om dingen die we doen. Ten Klooster: “De treurenden hebben hoop dat het beter wordt, de armen van geest hechten zich niet te veel.” De rechtvaardigheid en barmhartigheid die genoemd worden in de zaligsprekingen gaan over anderen, zo gaat het van jezelf naar de ander naar God – “vredebrengers zullen kinderen van God genoemd worden.”
Paus Franciscus maakt dit praktisch in zijn Apostolische Exhortatie ‘Gaudete et exsultate’, aldus Ten Klooster. “De zaligsprekingen helpen ons om te ontsnappen aan het idee dat geluk door ons gemaakt moet worden. We gaan ernaar op weg, het ligt in God.”



Patrick Kuipers sprak vervolgens over de campagne voor Roepingenzondag en het belang van het gebed. Naar aanleiding van de poster voor Roepingenzondag 2019 met als tekst ‘Bid tot de Herder’ onderstreepte hij dat bidden “het kernwoord” is. “In de tijd van Jezus waren er al te weinig arbeiders en nu is dat ook zo. Jezus zelf roept op tot het gebed om arbeiders voor de oogst. Dat is één van de weinige plekken in de Bijbel waar Hij oproept tot gebed om iets concreets. En de aanhouder wint, we vragen om priesters voor de Kerk vanuit de opdracht van de Heer zelf.”
Met name sinds het Tweede Vaticaans Concilie heeft elke paus aangedrongen op het gebed om roepingen, zo vervolgde de rector van het Ariënsinstituut. Hij gaf van elke paus vervolgens een voorbeeld en wees erop dat gelovigen met hun gebed een bijdrage leveren aan het roepingenpastoraat. “Bidden blijft de motor van het roepingenpastoraat,” zo benadrukte hij, waarna hij tot besluit de zeven aanbevelingen voor de aandacht voor roepingen uit het gebedenboekje voor dit jaar met de aanwezigen doornam. Kuipers: “Veel dank voor uw trouw en volharding in het gebed, dit wordt zeer gewaardeerd!”








 

Terug